Dogminth is geïndiceerd bij honden voor de behandeling van gastro-intestinale wormziekten veroorzaakt door de volgende nematoden:- Toxocara canis- Toxascaris leonina- Uncinaria stenocephalaDogminth alsook aangewezen is voor de behandeling bij honden van gastro-intestinale wormziekten zoals:- Ancylostoma caninum- Ancylostoma braziliensePyrantelembonaat, het werkzaam bestanddeel van Dogminth, behoort tot de klasse der tetrahydropyrimidinen. Het is een pyrantelzout dat zeer weinig oplosbaar is in water, reukloos en smaakloos is en zeer goed verdragen wordt door de hond.Dogminth is aangewezen bij honden voor de behandeling van gastro-intestinale wormziekten zoals Toxocara canis, Toxascaris leonina en Uncinaria stenocephala.
Toepassing:
Dogminth wordt toegediend in een unieke orale dosis.
De dosering bedraagt 5mg pyrantelbase per kg levend gewicht.
Behandelingsschema:
Het is aangeraden het wormmiddel als volgt toe te dienen
- hondenjongen: vanaf de leeftijd van 2 tot 4 weken alsook op de leeftijd van 7-8 en 12 weken
- teven: onmiddellijk vóór of na de dekking en onmiddellijk vóór het jongen
- andere honden: minstens eenmaal per jaar
Juiste toedieningDogminth spuiten van 16g:
De hoeveelheid toe te dienen pasta aanpassen aan het gewicht van het dier met behulp van de gewichtschaalverdeling die op de cilinder van de spuit afgedrukt is.
Dogminth tube van 24g:
Door een eenvoudige druk op de tube komt de pasta vrij in de vorm van een lint; daarvan wordt 2cm pasta per kg levend gewicht toegediend (overeenkomend met een dosis van 5mg pyrantelbase per kg levend gewicht). De toe te dienen hoeveelheid pasta wordt bepaald met behulp van de schaalverdeling die op de doos voorkomt.
De hoeveelheid pasta die nodig is voor de behandeling kan rechtstreeks op de tong van het dier aangebracht worden of mag met het voedsel vermengd worden. Er zijn geen bijzondere voedingsvoorzorgen in acht te nemen.
Dogminth kan zonder gevaar worden toegediend aan honden van elke leeftijd en wordt goed verdragen door hondenjongen, zelfs bij herhaalde toedieningen.
Commentaar